Hoge bloeddruk

Synoniem: Hypertensie
Terug naar geneesmiddelen

Teveten Plus

hydrochloorthiazide

Verschijnselen
Mensen met een hoge bloeddruk voelen hier in het algemeen niets van. Hoge bloeddruk is ook geen ziekte, maar geeft meer kans op hart- en vaatziekten. Als de bloeddruk is verhoogd, stroomt het bloed te krachtig door de vaten. Dit is schadelijk voor de bloedvaten. Beschadigde bloedvaten geven kans op een beroerte (herseninfarct of hersenbloeding) en ernstige hartziekten, zoals hartkramp en hartfalen.

Werking
Door dit medicijn scheiden de nieren meer zout uit. Het zout trekt het vocht mee. Hierdoor wordt het overtollige vocht afgevoerd via de urine. U kunt dit merken doordat u misschien iets vaker moet plassen. Er blijft minder bloed achter in de bloedvaten. Hierdoor daalt de bloeddruk en is er minder kans op een beroerte.

Bij hoge bloeddruk schrijven artsen in eerste instantie meestal een plastablet voor. Als dit niet voldoende helpt kan de arts bovendien een ander medicijn voorschrijven, zoals een bètablokker of een ACE-remmer.

Mensen die met een plastablet hun bloeddruk hebben verlaagd, blijken minder vaak te overlijden aan een beroerte of aan een hartziekte.

Effect
Na drie tot zes weken is het volledige effect van dit medicijn bereikt. Zelf merkt u niet veel van de bloeddrukverlagende werking van dit medicijn. U weet pas of het werkt bij een meting van uw bloeddruk. Toch is het belangrijk hydrochloorthiazide elke dag in te nemen. Alleen dan kan hydrochloorthiazide de hart- en bloedvaten optimaal beschermen.

Teveten Plus
De werkzame stoffen in Teveten Plus zijn eprosartan en hydrochloorthiazide. Eprosartan is sinds 1997 en hydrochloorthiazide sinds 1959 internationaal op de markt. Deze combinatie is op recept verkrijgbaar onder de merknaam Teveten Plus.

De combinatie van eprosartan met hydrochloorthiazide wordt gebruikt bij een hoge bloeddruk, als een angiotensine-II-blokker of een plasmiddel alleen de bloeddruk niet voldoende naar beneden heeft gebracht.

Hydrochloorthiazide behoort tot de thiazide-plasmiddelen. Het voert overtollig vocht af en verlaagt de bloeddruk.

Artsen schrijven het voor bij een hoge bloeddruk, hartfalen, oedeem, diabetes insipidus en nierstenen.

Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven.

De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

Zelden

  • Tekort aan kalium, een bepaalde stof in het bloed. U merkt dit het eerst aan spierzwakte, spierkramp of spierpijn meestal het eerst in de bovenbenen en armen, ernstige vermoeidheid, hartkloppingen, heftige buikklachten. Als u last heeft van deze klachten, ga dan naar uw arts. Dit kaliumtekort kan ook ontstaan als u dit medicijn al meerdere weken tot maanden gebruikt. Uw arts controleert uw kalium meestal na enkele weken. Mocht u een tekort aan kalium in het bloed krijgen, dan kan uw arts u een ander medicijn erbij voorschrijven dat het kaliumtekort opheft. Mensen met hartfalen, levercirrose, nierziekten, bij diarree of braken of mensen die veel laxeermiddelen gebruiken hebben hier meer kans op. Uw arts zal daarom regelmatig de hoeveelheid kalium in uw bloed controleren. Als u diarree heeft of veel moet braken, neem dan contact op met uw arts.

Zeer zelden

  • De eerste dagen van de behandeling: duizeligheid, vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel. Dit gaat in het algemeen over als uw lichaam zich heeft ingesteld op de lagere bloeddruk (binnen enkele dagen tot weken). Als u zich duizelig voelt, sta dan niet te snel op uit bed of van een stoel. U kunt dan het beste even gaan liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen.
  • Tekort aan natrium, een bepaalde stof in het bloed. U merkt dit het eerst aan plotselinge hevige vermoeidheid, sufheid en verminderde eetlust. Als u last heeft van deze klachten, ga dan naar uw arts. Meestal ontstaat dit natriumtekort tijdens de eerste weken van het gebruik. Vrouwen en oudere mensen hebben hier meer kans op. Ook bij diarree of braken is de kans op een tekort aan natrium groter. Uw arts zal daarom vaak in het begin de hoeveelheid natrium in uw bloed controleren. Als u diarree heeft of veel moet braken, neem dan contact op met uw arts.
  • Impotentie. Dit komt door de lagere bloeddruk. Als u last heeft van deze bijwerking, vraag dan advies aan uw arts. Mogelijk moet de dosering worden aangepast of is een ander medicijn geschikter voor u.
  • Maagdarmklachten, zoals lichte misselijkheid, braken, verstopping, buikpijn, diarree en verlies van eetlust. Meestal helpt het als u het medicijn met wat voedsel inneemt. Blijft u er ook na enige dagen last van houden? Neem dan contact op met uw arts.
  • Als u aanleg voor jicht heeft, kunt u eerder last krijgen van een jichtaanval. Dit komt doordat plastabletten het urinezuurgehalte in het bloed laten stijgen. Urinezuur vormt kristallen in sommige gewrichten, waardoor het gewricht gaat ontsteken en een jichtaanval ontstaat.
  • Als u diabetes heeft, kunt u een te hoog bloedglucose krijgen door dit medicijn. Controleer daarom vaker uw bloedglucose.
  • Als u het syndroom van Sjögren heeft, een aandoening waarbij de slijmvliezen van onder andere ogen en mond droger zijn dan normaal: u kunt meer klachten krijgen. Dit middel vermindert de aanmaak van traanvocht en speeksel. Neem contact op met uw arts als u meer last heeft van oogirritatie of een droge mond. Mogelijk is een ander medcijn geschikter voor u.
  • Dit medicijn kan de huid gevoeliger maken voor UV-licht (zon, zonnebank, UV-lamp). Blootstelling aan zonlicht, zelfs voor korte perioden, kan huiduitslag, jeuk, roodheid of andere verkleuring van de huid en ernstige verbranding door de zon geven. Begint u net met dit medicijn? Blijf dan uit direct zonlicht, met name tussen 10.00 en 15.00 uur, draag beschermende kleding, waaronder hoed en zonnebril, smeer een zonnebrandmiddel op met een hoge beschermingsfactor en ga niet onder de zonnebank. Als u een ernstige reactie op de zon krijgt, stop dan meteen met het gebruik en neem contact op met uw arts.
  • Overgevoeligheid voor dit medicijn. Dit merkt u aan huiduitslag, jeuk en galbulten. Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts. Geef aan de apotheker door dat u overgevoelig bent voor hydrochloorthiazide. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u het middel niet opnieuw krijgt.
  • Ontsteking van de alvleesklier, de galwegen of leveraandoeningen en bloedafwijkingen. Bij plotselinge hevige pijn in bovenbuik, geelzucht, onverklaarbare blauwe plekken, extreme vermoeidheid of keelpijn met koorts en blaren in de keel moet u direct een arts waarschuwen.
  • Hoofdpijn, sufheid, spierkrampen en slaapstoornissen. Raadpleeg uw arts als u hier te veel last van heeft.
  • Stemmingsveranderingen, zoals depressie. Als u dit merkt neem dan contact op met uw arts.
  • Hartritmestoornissen. U merkt dit soms alleen aan plotselinge duizelingen of als u even wegraakt. Vooral mensen met de aangeboren vorm van de hartritmestoornis verlengd QT-interval hebben hier meer kans op. Gebruik dit medicijn NIET als u deze aangeboren hartritmestoornis heeft. Overleg met uw arts. Mogelijk kunt u overstappen op een ander medicijn.
  • Longproblemen. Heeft u last van hoesten, bemoeilijkte ademhaling, pijn op de borst, koorts en koude rillingen? Neem dan contact op met uw arts.
  • Veranderingen in het gezichtsvermogen, doordat uw ogen aan het middel moeten wennen. Na een aantal weken zal uw gezichtsvermogen weer hersteld zijn. Als u hier veel last van heeft, overleg dan met uw arts.

Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

Kijk voor de juiste dosering altijd op het etiket van de apotheek.

Wanneer?
U kunt het medicijn het best 's ochtends bij het ontbijt innemen. U heeft dan het minst last van het feit dat u misschien vaker moet plassen. Als u het medicijn twee keer per dag moet gebruiken: 's ochtends bij het ontbijt en niet later dan vier uur in de middag, anders heeft u kans dat u 's nachts uit bed moet om te plassen.

Hoe lang?

  • Hoge bloeddruk. Een behandeling voor hoge bloeddruk is meestal langdurig. Als dit medicijn goed bij u werkt, moet u het waarschijnlijk uw leven lang gebruiken.
  • Oedeem. Hoe lang u dit medicijn moet gebruiken, hangt af van de oorzaak van het oedeem. Als u een verminderde hartwerking heeft (hartfalen) moet u het waarschijnlijk langdurig gebruiken.
  • Diabetes insipidus. Als dit medicijn goed bij u werkt, moet u het waarschijnlijk uw leven lang gebruiken.
  • Nierstenen met kalk. Als dit medicijn goed bij u werkt, moet u het waarschijnlijk langdurig gebruiken.

Het is belangrijk dit medicijn consequent in te nemen. Mocht u toch een dosis vergeten zijn:

  • Als u hydrochloorthiazide één keer per dag gebruikt: ontdekt u het dezelfde dag? Dan kunt u de dosis nog inhalen tot aan het eind van de middag. Is het later? Sla de dosis dan over. Bij een latere inname loopt u kans om 's nachts uit bed te moeten om te plassen.
  • Als u hydrochloorthiazide twee keer per dag gebruikt: duurt het nog meer dan vier uur voor u de volgende dosis normaal inneemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog in. Duurt het nog minder dan vier uur? Sla de vergeten dosis dan over.

autorijden?
De eerste dagen dat u hydrochloorthiazide gebruikt, kunt u wat duizelig zijn. Dit komt doordat uw lichaam zich nog moet instellen op de lagere bloeddruk. Na enkele dagen is dit meestal weer over en is autorijden geen probleem. Indien u duizelig blijft, neem dan geen deel aan het verkeer.

alcohol drinken?
Alcohol kan de duizeligheid in het begin van de behandeling versterken. Probeer het drinken van alcohol eerst met mate uit. U kunt dan zelf inschatten of u hier veel last van krijgt.

Als u hydrochloorthiazide gebruikt voor oedeem of hartfalen: overmatig alcoholgebruik kan klachten als benauwdheid en vocht vasthouden verergeren. In het algemeen is enkele keren per week een glas wijn geen probleem.

alles eten?
Bij dit middel zijn hiervoor geen beperkingen. Om kaliumtekort te voorkomen, kunt u erop letten om kaliumrijk voedsel te gebruiken. Kalium zit onder andere in citrusfruit.

Hydrochloorthiazide heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.

  • De hart- en vaatmiddelen van de groep ACE-remmers en de groep Angiotensine-II-blokkers. Hydrochloorthiazide versterkt de werking van deze medicijnen. Dit geldt alleen als u al hydrochloorthiazide gebruikt en u krijgt daar nu een ACE-remmer of een angiotensine-II-blokker bij. Vooral in het begin van de behandeling kunt u dan last krijgen van erge duizeligheid. U kunt hier iets tegen doen door het medicijn in te nemen voor het naar bed gaan. Als u ligt, voelt u de duizeligheid minder. Soms raadt de arts aan om de plastabletten twee of drie dagen te laten staan voordat u met een ACE-remmer begint. U heeft dan minder last van duizeligheid. Na twee of drie dagen gebruik van de ACE-remmer kunt u dan zonder problemen de plastablet weer gebruiken, als dat nodig is. Ook kan uw arts u aanraden de eerste dagen met een lage dosis ACE-remmer te beginnen en die na een paar dagen te verhogen.
  • Pijnstillers van het NSAID-type, zoals ibuprofen, naproxen en diclofenac. Deze pijnstillers kunnen het effect van hydrochloorthiazide verminderen. Gebruik deze pijnstillers daarom alleen als uw arts u dit heeft geadviseerd of het heeft voorgeschreven. Merkt u bij het gebruik van deze pijnstillers samen met hydrochloorthiazide dat uw enkels of voeten dikker worden, of bent u weer sneller kortademig? Neem dan contact op met uw arts.
  • Lithium, een middel tegen manische depressie. Plastabletten kunnen de bijwerkingen van lithium versterken, zoals maagdarmklachten, trillen, spierzwakte, spiertrekkingen, duizeligheid, slaperigheid, sufheid, verwardheid, verminderde concentratie, moeite met lopen en spreken en epileptische aanvallen. Waarschuw meteen uw arts als u last krijgt van één van deze bijwerkingen. Uw arts moet het lithiumgehalte in het bloed regelmatig laten meten en de dosering eventueel aanpassen.
  • Ketanserine (medicijn tegen hoge bloeddruk) en acetazolamide (medicijn bij glaucoom en oedeem). Deze middelen geven samen met hydrochloorthiazide een grote kans op kaliumtekort. Uw arts kan uit voorzorg een medicijn voorschrijven dat het kaliumverlies tegengaat (amiloride of triamtereen) of dat het kaliumtekort aanvult (kaliumchloride).
  • Andere bloeddrukverlagende medicijnen. De bloeddruk kan te laag worden als u hydrochloorthiazide samen met andere bloeddrukverlagers gaat gebruiken. Uw arts houdt hier rekening mee en zal in het begin een lagere dosering voorschrijven. Al naar gelang het effect zal de arts de dosis geleidelijk verhogen.
  • Medicijnen tegen epilepsie carbazemazepine en oxcarbazepine, en de medicijnen tegen depressie citalopram, escitalopram, fluoxetine, fluvoxamine, paroxetine, sertraline en venlafaxine. Als u een van deze middelen samen met hydrochloorthiazide gebruikt, heeft u de eerste weken een verhoogde kans op een tekort aan natrium in het bloed. U merkt dit soms aan plotselinge hevige vermoeidheid, sufheid en verminderde eetlust. Waarschuw dan meteen uw arts.
Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

Zwangerschap
Gebruik dit medicijn NIET als u zwanger bent of binnenkort zwanger wilt worden. Er kan bij uw baby een kaliumtekort, geelzucht of bloedafwijkingen ontstaan. Meld het in elk geval aan uw arts en apotheker zodra u zwanger bent, of dit binnenkort wilt worden. U zult (tijdelijk) moeten overstappen op een ander, veilig middel.

Als dit medicijn toch dringend noodzakelijk is, bijvoorbeeld bij zeer ernstig oedeem, zal uw arts de groei van het kind, het kaliumgehalte en het bloed regelmatig controleren.

Borstvoeding
Wilt u borstvoeding geven, dan kunt u dit medicijn in een lage dosering gebruiken, zoals in de dosering bij een hoge bloeddruk. Het komt dan slechts in een kleine hoeveelheid in de moedermelk terecht.

Hydrochloorthiazide vermindert de hoeveelheid moedermelk. Dit is vooral een probleem als de borstvoeding nog op gang moet komen. Start pas met het gebruik van dit medicijn als u zeker weet dat u genoeg moedermelk aanmaakt. Dat weet u binnen een week op zes. Merkt u dat de baby steeds vaker wil drinken en voeding tekort lijkt te komen? Dan kan uw borstvoeding te veel zijn teruggelopen. Raadpleeg in dat geval uw arts.

U kunt op elk moment in één keer met het gebruik van dit medicijn stoppen. De bloeddruk kan dan wel weer omhoog gaan en het oedeem of de benauwdheid kunnen terugkeren. Stop dus alleen in overleg met uw arts.

Hydrochloorthiazide is sinds 1959 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar als het merkloze Hydrochloorthiazide in tabletten en als Hydrochloorthiazide drank FNA in drank.

Hydrochloorthiazide wordt ook gebruikt in combinatie met andere werkzame stoffen, onder de merknamen Acuzide, Atacand plus, CoAprovel, Co-Diovan, Co-Renitec, Cozaar plus, Dytenzide, Emcoretic, Exforge HCT, Fortzaar, Hyzaar, Kinzalkomb, MicardisPlus, Novazyd, Olmetec HCTZ, Rasilez HCT, Renitec plus, Selokomb, Teveten Plus, Tritazide en Zestoretic en als het merkloze Amiloride/hydrochloorthiazide, Amiloride comp, Bisoprolol/Hydrochloorthiazide, Captopril/hydrochloorthiazide, Enalapril/Hydrochloorthiazide, Fosinopril/Hydrochloorthiazide, Irbesartan/Hydrochloorthiazide, Kaliumlosartan/HCT, Lisinopril/Hydrochloorthiazide, Losartan Kalium/HCT, Losartan/Hydrochloorthiazide, Metoprolol/Hydrochloorthiazde, Quinapril/Hydrochloorthiazide, Ramipril/Hydrochloorthiazide, Valsartan/Hydrochloorthiazide en Triamtereen/Hydrochloorthiazide.

Laatst gewijzigd op: 9 januari 2014 - Disclaimer